William Morris:
(Walthamstow, Londen, 24 maart 1834 – Londen, 3 oktober 1896).
De belangrijkste ontwerper en utopisch denker van het 19e-eeuwse Engeland. Hij wordt algemeen beschouwd als de grondlegger van het fantasy-genre. Hij is vooral bekend als de geestelijke vader van de arts-and-craftsbeweging. Hij was een veelzijdig man: hij was betrokken bij literatuur, het ontwerpen, drukken en uitgeven van boeken, het ontwerpen van behang, textiel, tegels, tapijten, meubilair, glas in lood en interieurs.

Hoe de wind vanmorgen huilt / Rond eind mei, / En juni in hoog tempo voortdrijft / Om de verlaten wereld te bespotten / En de vreugde van de wereld die voorbij is…

Het gedicht is een meditatie over ‘melancholie en de wreedheid van seizoensovergang’. De huilende wind eind mei is geen vrolijke lente-energie; hij drijft juni te snel binnen, alsof hij de spot drijft met een spreker die zich niet in de pas voelt met de vernieuwing van de wereld. Belangrijkste thema’s:
– ‘Vervreemding’: het gezicht van de spreker is ‘niet gewenst’; hij voelt zich ongewenst, onzichtbaar voor de vreugde van de wereld.
– ‘Slaap als valse toevlucht’: dromen bieden een korte ontsnapping aan verdriet, maar wakker worden brengt alleen maar nieuwe waanideeën met zich mee – ‘meer leugenachtige verhalen om te weven, meer hoop om snel te vergaan.’
– ‘De bittere ironie van de hoop’: het gedicht eindigt niet met troost, maar met de cyclus van hoop en teleurstelling die zich eindeloos herhaalt.
Herkomst:
De regels komen uit een gedicht met de titel ‘The End of May’, gepubliceerd in 1891 in de bundel ‘Poems by the Way’ – het is gedicht nummer 36. De bundel is geschreven tijdens Morris ‘periode van diepe betrokkenheid bij de socialistische politiek en de Arts and Crafts-beweging.’ Het gedicht maakt gebruik van een ‘aaneenschakeling’ of kettingversstructuur, waarbij elke strofe de laatste regel van de vorige oppakt, waardoor het een spiraalvormige, obsessieve kwaliteit krijgt die de stemming weerspiegelt.
Auteur:
William Morris (1834-1896).
Hij is tegenwoordig vooral bekend als ontwerper, ambachtsman en socialistische activist, maar hij was ook een productief dichter. Dit gedicht is kenmerkend voor zijn literaire stem: natuurlijke schoonheid (wind, zonsopgang, het wisselen van de seizoenen) in scherp contrast met innerlijke verlatenheid en verlangen.
Ja, mei is gekomen, en zijn zoete adem zal je bijna doen huilen vandaag, en nadenkend over de snel naderende dood, zul je verzadigd zijn van de mei.

Maart: Het motto: “Moed en kracht in tijden van gevaar.”

De laatste dagen in februari, en nu, eindelijk, had je kunnen denken dat de winterse wee voorbij was, zo mooi was de lucht en zo zacht de lucht.
